Blogreeks: Verkoopklaar binnen drie jaar: artikel 10/15
Subreeks: Elke euro telt – hoe slim werkkapitaalbeheer de verkoopprijs van uw onderneming verhoogt

Meten is weten: hoe opvolging het verschil maakt tussen theorie en cash
Waarom structureel werkkapitaalbeheer alleen werkt als u het meet.

Veel ondernemingen praten over cashflow, maar weinigen meten ze echt. De boekhouding levert cijfers op, maar vaak pas weken na de feiten. Tegen dan is het te laat om bij te sturen. Werkkapitaalbeheer vraagt meer dan een jaarlijkse balansbespreking: het vraagt ritme, discipline en inzicht. Wie maandelijks zijn werkkapitaal opvolgt, ontdekt niet alleen waar het geld vastzit, maar ook waar het structureel vrijkomt. En dat is precies het verschil tussen een onderneming die “draait” en één die waarde opbouwt.

Waarom meten essentieel is
Werkkapitaal is geen statisch getal. Het evolueert mee met de seizoenen, de orderportefeuille en de betalingsgewoonten van klanten en leveranciers. Een goed resultaat in december zegt niets als januari alles opslorpt. Regelmatige opvolging toont trends. U ziet hoe klanten trager beginnen te betalen, hoe voorraden stijgen of hoe leveranciersfacturen te vroeg worden voldaan. Zo kunt u tijdig ingrijpen, nog vóór die signalen zichtbaar worden in de kas.

Wat u precies moet meten

  1. Klanten (DSO – Days Sales Outstanding): het gemiddeld aantal dagen dat klanten nodig hebben om te betalen.
  2. Voorraden (DIO – Days Inventory Outstanding): hoeveel dagen voorraad u gemiddeld op de plank houdt.
  3. Leveranciers (DPO – Days Payables Outstanding): het gemiddeld aantal dagen dat u wacht met betalen.

Deze drie samen vormen de cash conversion cycle: de periode tussen uw uitgaven en uw ontvangsten. Hoe korter die cyclus, hoe minder kapitaal u nodig hebt om dezelfde activiteit te financieren.

Een praktisch voorbeeld
Een onderneming met 45 dagen klantenkrediet, 60 dagen voorraad en 30 dagen leverancierskrediet heeft een cashcyclus van 75 dagen (45 + 60 – 30). Als ze die cyclus met 10 dagen verkort, verlaagt ze haar werkkapitaal met bijna 3% van de omzet. Bij een omzet van 5 miljoen euro is dat bijna 150.000 euro extra liquiditeit. Dat is geld dat beschikbaar blijft voor de aandeelhouder – en dat maakt de onderneming waardevoller.

Hoe u opvolging structureel inbouwt

  • Meet maandelijks. Maak het werkkapitaal vast onderdeel van uw financiële rapportering.
  • Koppel verantwoordelijkheden. Laat elke afdelingsverantwoordelijke weten welke impact zijn beslissingen hebben op cash.
  • Gebruik ratio’s in context. Een stijging is niet altijd slecht; zo kan de omzet bijvoorbeeld fors groeien. Het gaat om evenwicht.
  • Communiceer intern. Cash is geen zaak van de boekhouding alleen. Het is een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid.

Waarom dit vertrouwen wekt bij kopers
Een onderneming die haar cijfers kent en beheerst, straalt professionaliteit uit. Kopers zien dat als teken van maturiteit: het bedrijf werkt op feiten, niet op buikgevoel. Dat vermindert het ondernemersrisico en versterkt de waarderingsmultiple. Niet alleen verlaagt het werkkapitaal structureel en dus meer beschikbare liquide middelen voor de onderneming, een koper betaalt ook liever iets meer voor een onderneming die haar cashstroom begrijpt en beheerst, dan voor één die “verrast” wordt door de balans.

Conclusie
Werkkapitaalbeheer begint met inzicht. Wat u niet meet, kunt u niet verbeteren. Door maandelijks te meten, creëert u discipline en voorspelbaarheid – twee eigenschappen die de markt beloont. Elke dag dat u vroeger ziet waar geld vastzit, is een dag dat u waarde creëert. En dat is precies wat een verkoopklare onderneming onderscheidt van de rest.

In het volgende artikel bekijken we hoe u binnen de onderneming een cultuur van cashbewustzijn kunt creëren – zodat elke medewerker begrijpt hoe zijn beslissingen bijdragen tot de waarde van de onderneming.

Andere artikelen in deze reeks vindt u op www.adcorporate.be